Belastingkamers van de gerechtshoven trekken de richtlijn voor de vergoeding van proceskosten bij WOZ-taxaties in, nadat de Hoge Raad heeft beslist dat deze richtlijn niet bindend is voor rechters.
De richtlijn
De Richtlijn inzake vergoeding van proceskosten bij WOZ-taxaties ging in vanaf 1 juli 2018. Het doel van deze richtlijn was om voor de gerechtshoven een uniforme toepassing van de te hanteren uurtarieven alsmede tijdsbesteding voor een taxatieverslag in procedures over waarde beschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken tot doel. Voor die tijd bestond er geen eenduidige zienswijze wat leidde tot aanzienlijk verschillende interpretaties.
Wat was het uitgangspunt van de richtlijn?
- Voor woningen die inpandig werden getaxeerd werd 4 uur toegekend tegen een uurtarief van € 53
- Voor woningen die niet-inpandig werden getaxeerd werd 2 uur toegekend tegen een uurtarief van € 53
- Voor courante niet-woningen geldt hetzelfde principe maar tegen een uurtarief van € 68.
- Voor incourante niet-woningen werd gezien de aard van deze zaken geen maximaal aantal normuren gesteld.
Wat is er toegelicht over deze intrekking?
Gerechtshoven achten het van belang dat rechters op een vergelijkbare manier omgaan met het vaststellen van de vergoeding voor taxatierapporten in WOZ-zaken. Helaas is dit (nog) niet realiseerbaar. Er zit veel verschil in de kwaliteit van taxatierapporten, alsmede de tijd die nodig is om deze rapporten op te stellen. Om deze reden zal er dan ook geen nieuwe richtlijn in de plaats komen. Zodra de verschillen afnemen, kan een dergelijke richtlijn mogelijk weer worden ingevoerd.
Wat was de aanleiding voor de intrekking?
De Hoge Raad heeft op 13 juni 2025 (ECLI:NL:HR:2025:661) bevestigd dat de richtlijn voor de vergoeding van proceskosten bij WOZ-taxaties niet bindend is voor rechters van rechtbanken. Dit is toch wel een opmerkelijke stap.
In 2012 riep de Hoge Raad de rechtelijke macht nog op om hier eendracht in te betrachten waarbij de (oude) richtlijn in 2015 door de Hoge Raad ook nog leidend werd geacht voor de rechtelijke macht. Maar in 2025 is de Hoge Raad teruggekomen op dit arrest van 2015. Rechters hoeven daarnaast niet te motiveren waarom ze ervan afwijken. Dit is de reden dat de belastingkamers van de gerechtshoven de richtlijn intrekken.
Waarom weken rechtbanken en gerechtshoven af van 'hun’ richtlijn?
Iedereen is het erover eens dat een eenduidige werkwijze ten aanzien van de toe te kennen proceskostenvergoeding voor het indienen van een taxatieverslag toegejuicht moet worden. Immers het biedt rechtszekerheid, maar is ook transparant voor degene die de vergoeding moet toekennen en ontvangen.
Echter met de opkomst van de verschillende mogelijkheden om met relatief weinig middelen binnen zeer korte tijd een taxatierapport op te stellen met een wisselende kwaliteit, achtten verschillende gerechtelijke instanties de opgestelde richtlijn niet meer van toepassing. Zie daarvoor bijvoorbeeld Rechtbank Rotterdam die de vergoeding van 2 uur vermenigvuldigd met het uurtarief van € 53 (overeenkomstig richtlijn) disproportioneel was. De vergoeding werd verminderd tot € 10,69. Dit bedrag was gebaseerd op een redelijk te achten tijdsbesteding van tien minuten vermenigvuldigd met € 53 en te vermeerderen met btw).
Ook het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (20 januari 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:259) was van mening dat de Richtlijn buiten toepassing gelaten moest worden bij de beoordeling van de hoogte van de proceskosten. Enkel de kosten die belanghebbende redelijkerwijs heeft gemaakt kunnen in aanmerking van een vergoeding komen. De toepassing van deze Richtlijn zou leiden tot een onredelijk bovenmatige vergoeding, gelet op het in hoge mate geautomatiseerde proces waarmee taxatierapporten worden opgesteld. In dit geval werd het opstellen van het taxatieverslag gesteld op ten hoogste 20 minuten.
Conclusie
Wij verwachten dat het aantal procedures door deze ontwikkeling toe zal nemen. Immers hoe en op welke wijze dient de tijdsbesteding te worden ingeschat. Onze afdeling heeft veel ervaring met het opstellen van beleid en het voeren van procedures aangaande deze problematiek.
Meer weten?
Wilt u meer weten over dit onderwerp? Aarzel dan niet en neem contact op met onze specialist Olga Menger of uw vaste aanspreekpunt.